Filmpje: https://www.youtube.com/watch?v=A7bGKUdf2ng

Reactie op column van professor Harold Bekkering in De Psycholoog (juli-augustus 2018)

Er moet inderdaad sprake zijn van een mateloze fascinatie als Harold Bekkering zijn column in De Psycholoog (juli-augustus 2018) wijdt aan de vragen die het filmpje van Spider-Man, de statenloze Malinees Mamoudou Gassama, bij hem oproept. Volgens mij was iedereen die het filmpje heeft gezien ademloos onder de indruk van dit heldhaftige gedrag met goede afloop. Ook bij mij heeft het filmpje een diepe indruk achter gelaten maar vanuit een iets ander perspectief dan dat van Harold. Zoals het een goed psycholoog zoals Harold betaamt wordt een verklaring gezocht voor gedrag, in dit geval het gedrag van de Malinees. Wetenschap start altijd met een vraag. Harold stelt de diepere vraag: Hoe komt pro-sociaal gedrag tot stand? Een verklaring lijkt hij te vinden in altruïsme, het beleven van persoonlijke waarde door het tegemoetkomen in andermans behoeften. Als ik het dan goed heb begrepen heeft Mamoudou Gassama een altruïstische instelling en kon zo komen tot zijn heldhaftige daad. Hij heeft dus volgens wetenschappelijke inzichten een groter emotioneel brein (dat zich overigens naar mijn weten verder uitstrekt dan alleen de amygdala). Ik kan mij vergissen, maar lees ik in de voorlaatste alinea van de column dat er misschien ook sprake is van persoonlijk gewin als motief voor het heldhaftig gedrag van Mamoudou? Dan zou Mamoudou wel heel snel (binnen de minuut) zijn persoonlijk voordeel van zijn actie (paspoort en baantje) hebben overdacht. Dat gaat er bij mij niet in en ik geloof ook niet dat Harold dit bedoeld heeft.

Zouden er onder de velen die toekeken helemaal geen altruïsten zijn geweest? Jawel toch? De toeschouwers kwamen inderdaad fysiek niet in actie, misschien hebben zij hooguit de politie en hulpdiensten gewaarschuwd. En die man op het naastgelegen balkon? Hij had het jongetje bij de arm. Waarom deed hij niet meer? Ook hij kwam niet tot een fysieke actie die het kind had kunnen redden.

Interessante vragen omtrent gedrag, antwoorden zijn moeilijker te vinden. Harold’s altruïsme is wat mij betreft niet echt sluitend als verklaring voor de actie van Mamoudou.

Wat gebeurde er in mijn optiek. Mamoudou wandelt met zijn vriendin door een wijk van Parijs. Zij horen om de hoek geschreeuw en rumoer. Op de plek aangekomen ziet Mamoudou de mensen naar boven kijken en het kind hangen aan de reling van het balkon op de 4e etage. Een noodsituatie, een kwestie van leven en dood. Bovendien, een kind! Het stress-systeem van Mamoudou wordt ogenblikkelijk geactiveerd zoals dat ook is gebeurd bij alle toeschouwende mensen en de man op het balkon. Alle harten kloppen sneller (niet bewezen, maar zeer aannemelijk). Ons stress-systeem wordt ook geactiveerd wanneer een medemens (en zeker een kind) in levensgevaar is, niet alleen als wij zelf in gevaar zijn. De reactie op activering van het stress-systeem kennen we: fight, flight or freeze. De toeschouwers en de man op het balkon raken ‘frozen’, een enkeling loopt misschien weg (‘flight’) omdat hij of zij het allemaal niet kan aanzien. Mamoudou schiet als enige in de ‘fight’-modus. Zijn prefrontale cortex schat in no-time in of hij (qua hoogte, afstand, afmetingen, etc.) in staat is naar boven te klimmen. Vervolgens gaat zijn prefrontale cortex op standje-bijna-0 en de adrenaline doet de rest (cortisolaanmaak heeft meer tijd nodig). Binnen één minuut is hij boven en trekt het jongetje over de reling. De film is afgelopen. Een ontvangst op het Elyssee volgt en in het gesprek met president Macron geeft Mamoudou aan, dat hij door ongekende krachten naar boven is geklommen en dat “God hem daarbij geholpen heeft”. Ik durf te stellen, dat zijn stress-systeem samen met de vertrouwdheid in zijn eigen fysieke bouw en kracht én de nagenoeg volledige uitschakeling van zijn prefrontale cortex het uitvoeren van zijn actie mogelijk hebben gemaakt. Ik geloof niet dat dit een weloverwogen (altruïstische) daad van liefdadigheid is geweest, zoals een nier doneren. Dit is een redelijk non-prefrontaal-corticale actie geweest: er wordt gevaar waargenomen, het stress-systeem (amygdala) wordt geactiveerd en er wordt een actie ingezet. That’s it!

Heeft het stress-systeem een rol gespeeld bij het jongetje zelf? Je kunt het je afvragen. Bij een levensbedreigende situatie wordt je vaker verrast door de haast ondenkbare kracht en mogelijkheden van ons lichaam. Bij kinderen is dat niet anders, denk ik. Het jongetje is het, hoe dan ook, gelukt zich vast te houden aan de reling. God zij dank!

Rest nog het antwoord op de diepere vraag van Harold Bekkering: Hoe komt pro-sociaal gedrag tot stand? Mij is niet bekend of er ooit wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar de ontwikkeling van het limbisch systeem (emotionele brein) van levende wezens waarbij één soort, waarvan de leden zich gedurende hun hele leven (genoodzaakt) omringd weten van soortgenoten (denk bijvoorbeeld aan de mens) vergeleken wordt met een soort, waarvan de leden al snel na de geboorte een vrij solistisch bestaan leiden en elkaar alleen opzoeken als de voortpantingsdrift opleeft (denk bijvoorbeeld aan een slang of een vogel). Als dat onderzoek wel is uitgevoerd, is de uitkomst dan misschien geweest dat de in sociaal verband levende wezens een beter ontwikkeld limbisch systeem hebben dan de meer solistisch levende wezens? Lijkt mij niet onaannemelijk. Is dat het geval dan moet het antwoord op de vraag van Harold inderdaad gevonden worden in de functie van het limbische systeem, hetgeen hij overigens zelf ook suggereert, echter naar mijn mening ligt het antwoord niet zozeer in de verzameling afzonderlijke emoties of daaraan gekoppelde cognitieve patronen maar veeleer in de functie van het limbische systeem als survivalsysteem in een sociale gemeenschap van soortgenoten. Een gelaatsuitdrukking aflezen kan erg nuttig zijn om bijvoorbeeld een dreigende afranseling of straf te voorkomen, of in het uiterste geval de dood. Niemand wil afgeranseld worden of gestraft, laat staan gedood. Een boze gelaatsuitdrukking kan gevaar betekenen en vormt toch op z’n minst een bedreiging. Een blijde gelaatsuitdrukking van een medemens geeft een prettig en veilig (niet bedreigend) gevoel. Een psychopaat heeft volgens wetenschappelijke bevindingen een limbisch systeem dat minder goed ontwikkeld is. De psychopaat mist wellicht het (onbewuste) gevoel van verbondenheid met de medemens en staat daarmee binnen de groep minder onder invloed van de survivalfunctie van het limbische systeem.

Daarmee kom ik op míjn diepere vraag: In hoeverre staat ons emotionele brein ten dienste van het feitelijke overleven. De grootste bedreiging van het leven is het stoppen daarvan. Dat is een redelijk basaal uitgangspunt. Alle fysiologische functies in ons lichaam zijn er op gericht om dat stoppen van leven te voorkomen. Dus ook, misschien wel vooral, onze fysiologische hersenfuncties. Ons reptielenbrein levert in dit opzicht geen enkele discussie: actie om te overleven is normaal gesproken een automatisme en gegarandeerd. De cognitie (prefrontale cortex) is goed om o.a. risico’s af te wegen en uit eerdere ervaringen te putten. Ons emotionele brein stelt ons in staat om ons te handhaven binnen de groep, er gebruik van te maken (zelfinteresse, persoonlijk gewin, altruïsme) en daarmee een lang(er) leven te bewerkstelligen. Het is maar een (iets) andere kijk!

augustus 2018

Gijs Schraa, arts, CSR-coach

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s